Deze website maakt gebruik van cookies.

Geo-Lexicon

Baarddraad
Een dun uitsteeksel met tastzintuigen bij de bek van een aantal vissen.

Basalt
Neovulkanisch eruptief gesteente dat wat de samenstelling betreft overeenkomt met gabbro.

Basische gesteenten
Eruptieve gesteenten die minder dan 52% SiO2 bevatten.

Beentjes van Weber
Een keten van drie of vier beentjes die de zwemblaas verbinden met het binnenoor van een aantal vissen.

Benthonisch
Levend op de zeebodem.

Biomassa
Het totale gewicht of volume van organisch materiaal in een bepaald gebied.

Bivalve (tweekleppige)
Ongewerveld dier uit de klasse der tweekleppige schelpdieren, met een uit twee met elkaar verbonden helften bestaande schelp.

Boreaal
Gebonden aan een koud klimaat.

Borstvin
Gepaarde vin achter de kieuwen bij vissen.

Brachiole
Op een arm gelijkend aanhangsel bij sommige stekelhuidigen, o.a. blastoïden en cystoïden.

Breccie
Uit hoekig materiaal samengesteld gesteente.

Breccië
Conglomeraat van brokjes gesteente in natuurlijk cement.

Brekingsindex
Belangrijke constante die staat voor de optische dichtheid van een stof.

Breuk
Een splitsing van een kristal langs een ander vlak dan een splijtvlak of het deelvlak dat contacttweelingen gemeen hebben; de vorm van het breukvlak is vaak kenmerkend voor een mineraal.

Buikvin
Een van de gepaarde vinnen op de buik bij vissen.

Buikzijde
De buitenbocht van de gespiraliseerde schaal bij o.a. nautiloïden en ammonoïden.

Bunodont
Verschijnsel waarin een molaar afgeronde knobbels en knobbeltjes heeft.

Byssus
Bundel elastische hechtdraden bij tweekleppigen.